Ixion (Ἰξίων), legendarische koning van de
Lapithen,
zoon van Phlegyas, vader van
Pirithoüs. Na
zijn misdadig optreden tegen zijn schoonvader
Deïoneus (of Eïoneus), die hij in een kuil met gloeiende
kolen liet vallen toen Deïoneus aandrong op
betaling van de overeengekomen bruidsprijs, wilde
niemand hem van zijn schuld reinigen, totdat Zeus
zelf dit deed en hem zelfs tot onsterfelijke tafelgenoot
der goden maakte. Toen I. zich vervolgens aan
Hera wilde vergrijpen, verving Zeus zijn gemalin
door Nephele, een wolk met de gestalte van Hera.
Nephele werd de moeder, volgens anderen de grootmoeder,
van de Centauren, I. werd door Zeus
in de onderwereld gestort en daar vastgebonden op
een vurig rad, waarop hij eeuwig moest ronddraaien
onder het uitspreken van de woorden 'Eer uw weldoeners'.
I. is afgebeeld op een vijftal vazenschilderingen en op enkele fresco's (o.a. uit de Casa dei Vettii in Pompeji) en reliëfs (o.a. op de Protesilaüssarcofaag in het Vaticaans Museum). Links een afbeelding op een vaas uit ca. 500 vC (Musée d'Art et d'Histoire, Genève).
Lit. Pindarus, Pythische ode 2, 21-48. P. Weizsäcker (Roscher 2,
766-772). Waser (PRE 10, 1373-1383). C. Caprino (EAA 4, 243-245).
[Nuchelmans]