Trinundinum heette in Rome de door drie nundinae
(marktdagen) bepaalde periode die minimaal moest
verlopen tussen het afkondigen en houden van een
volksvergadering.
Deze termijn gold ook voor de
promulgatie van wetsvoorstellen en het stemmen
daarover, voor het sluiten van een candidatenlijst
en de verkiezing en voor het indienen van een klacht
en de eindtermijn. Het t. werd wettelijk vastgelegd
in de lex Caecilia Didia van 98 vC en had tot doel
misbruiken te voorkomen. Een marktdag werd gehouden
op elke achtste dag; maar hoeveel dagen
het t. precies bevatte, is een omstreden kwestie.