
Romeinse soldaten droegen hun schild aan hun
linkerhand. De legioensoldaten hadden een gekromd schild, terwijl de
soldaten van de hulptroepen (auxilia) platte schilden hadden. Het schild
van de legioensoldaat was in de republikeinse tijd ovaal, maar in de
keizertijd rechthoekig.
Schilden werden normaliter gemaakt van hout dat uit 2 of 3 lagen bestond.
De randen werden versterkt met een koperlegering. In het midden zat een
ijzeren of koperen knop die de handgreep beschermde. In latere keizertijd
kwamen ovalen schilden in gebruik waar over huiden waren getrokken.