Hypatia (Ὑπατία) van Alexandrië (ca. 370-415), dochter van de wis- en sterrenkundige Theon. H. legde zich evenals haar vader toe op de wiskunde, maar bovendien op de wijsbegeerte, waarin zij in haar vaderstad een leerstoel bekleedde; over haar opvattingen en leerstellingen is niets bekend, maar vermoedelijk was zij aanhangster van het neoplatonisme. Haar voornaamste leerling was de latere bisschop Synesius, van wiens 156 bewaarde brieven er zeven aan de door hem zeer bewonderde H. gericht zijn.
Door het geven van adviezen aan vooraanstaande
personen raakte H. ook in de politiek verwikkeld.
Hierin moet vermoedelijk de oorzaak worden gezocht
van haar tragisch levenseinde. In 415 werd zij
door een groep christenen - volgens de overlevering,
die echter partijdig is, op instigatie van de patriarch
Cyrillus - vermoord en in stukken gesneden.
Lit. K. Praechter (PRE 9, 242-249). - R. Asmus, H. in Tradition und Dichtung (Studien zur vergleichenden Literaturgeschichte 7, 1907, 11-44). J. M. Rist, H. (Phoenix 19, 1965, 214-225). [Nuchelmans]