
Ekallâte (É-galmes), naam van een assyrische stad,
waarvan de juiste ligging niet bekend is. Volgens
een oud-babylonisch itinerarium moet E. een dagmars
ten noorden van Assur gelegen hebben. Misschien
komt Haikel (25 km ten noorden van Assur)
in aanmerking; er zijn ter plaatse oude ruïnes.
In de oud-babylonische periode moet E. van belang geweest zijn. Volgens de assyrische koningslijst veroverde Samsi-Adad I, komend uit Babel, de stad, voordat hij kennelijk van daar uit Assur innam. De stad wordt vaak in de brieven uit Mari genoemd. Vermoedelijk was Isme-Dagan, zoon van Samsi-Adad, hier onderkoning, voordat hij in Assur opvolgde. Een regeringsjaar van Dadusa van Esnunna is genoemd naar het verslaan van het leger van E. In middel-assyrische tijd wordt E. enkele malen genoemd in administratieve documenten uit Assur en Tell Billa. Het feit dat Marduknadinahhe de goden van E. (Adad en Sala) op Tiglatpileser I buitmaakte, wijst op de toenmalige zwakheid van Assyrië. Pas Sanherib kon deze goden doen terugkeren. De cultus van deze goden moet in E. belangrijk geweest zijn, gezien de vermelding in sommige teksten die rituelen bevatten.
In de nieuw-assyrische periode zal E. een lokaal
bestuurscentrum geweest zijn, eerst van een onderdeel
van de provincie Assur, later onder een eigen
gouverneur, vermoedelijk sinds Tiglatpileser III.
Lit. E. Unger (RLA 2, 319v). E. Forrer, Die Provinzeinteilung
des Assyrischen Reiches (Leipzig 1920) 10v en 104. W. W.
Hallo (JCS 18, 1965, 72). [van Driel]