Abba

Abba, aramees ('abbā') voor 'vader', is als godsnaam uiterst zeldzaam in de joodse literatuur. Voor Jezus is het de normale aanspreektitel, wat duidt op een grote vertrouwelijkheid, want A. was de roepnaam van kinderen (Mc 14,36). De herinnering hieraan leeft voort in christelijke gebedsformules (Rom 8, 15; Gal 4,6). Misschien zijn dit sporen van een doopliturgie, waarbij de dopeling voor het eerst het Onze Vader bad. De vorm kan nl. zowel 'vader' als 'onze vader' betekenen (vgl. Mt6,9 met Lc 11,2).


Lit. G. Kittel (ThW 1, 4-6). - J. Jeremias, Synoptische Studien (Festschr. A. Wikenhauser, Münster 1954) 86-89. W. Marchel, Abba, Père (Rome 1963). [Bouwman]


Afkortingen Lijst van Namen